Ziektebeelden

Wij handelen volgens ons ‘protocol ziek kind’, dit is gebaseerd op de productie van het RIVM ‘Landelijk Centrum Hygiëne en Veiligheid, Informatie over ziektebeelden voor kinderdagverblijven, peuterspeelzalen en buitenschoolse opvang’(2018).
Wij wijken op een aantal punten af. Deze beschrijven wij hieronder.

Wanneer mag een kind niet gebracht worden als het ziek is?

  • De temperatuur van het kind is 38° C of hoger. Bij het krijgen van tanden en kiezen of inentingen verhogen wij de grens naar maximaal 39˚ C en kijken daarnaast naar hoe het kind zich voelt en gedraagt. Wij handelen ook overeenkomstig dit beleid wanneer een kind op het kind centrum verhoging krijgt. Het is voor pedagogisch medewerkers dus van belang dat ouders duidelijke informatie geven over hoe het met het kind gaat tijdens de overdracht.
  • Het kind heeft een besmettelijke aandoening. Bij sommige infectieziekten, die ernstig kunnen zijn, mag het zieke kind niet naar het kinderdagverblijf komen om zo de groep, eventuele zwangere moeders en de beroepskrachten te beschermen. Het tijdelijk niet toelaten van een kind wordt ‘wering’ genoemd. Een kind wordt alleen geweerd als anderen nog niet besmet zijn. Bij kinderzeer/krentenbaard wijken wij af van de productie van het RIVM uit 2018. Ons beleid is dat bij een vermoeden van kinderzeer/krentenbaard de ouders wordt gevraagd met het kind naar de huisarts te gaan. Zolang er vocht uit blaasjes komt, is er namelijk kans op besmetting. Binnen 48 uur na aanvang van de behandeling met medicijnen, is de kans op besmetting afgenomen tot nihil en is het kind weer welkom.